Tour Verslagen 2010

Fietsvierdaagse 24 – 27 sept 2010

Hoe maak je nu een verslag over een fietstocht van 7 fietsgekken die in 4 dagen bijna 600 kilometer fietsen?
Moet je dan schrijven over het aantal lekke banden? Je moet dan gaan vertellen dat 12 lekke banden toch wel een tijdverlies opleveren van zo’n 3 uur.
Of moet je het hebben over twee mensen in een volgauto die zonder wegenkaart dachten de fietsers te kunnen volgen.
Ik zou ook een uitgebreid verhaal kunnen vertellen over het aantal Belgische bieren die zijn weggewerkt, maar dan moet ik in mijn geheugen graven wat op dat punt wat vertroebeld is.
Het is dus moeilijk kiezen. En nu ik begin te typen, schieten zoveel herinneringen door mijn hoofd dat ik het bijna niet bij kan houden.
Gelukkig heb ik nog drie opgedroogde bierviltjes met aantekeningen en twee gekreukelde briefjes met onleesbare aantekeningen. Het enige wat ik nog op dat blaadje kan lezen is: “Stom Kieken”.
Deze Vlaamse uitdrukking van één van onze fietsdames lijkt een mooi begin voor dit verslag.

Onze fietstocht van 4 dagen begon zoals gewoonlijk (dit keer op vrijdagochtend) in De Kroon, waar we ons eerst voltankten met koffie. Om 9.15 gingen de zeven fietsfanaten op weg, met Daaf van der Maas met Gert de Kam voorop. Direct gevolgd door Annemie Abelshausen en Jolanda van Emden, aansluitend Kees Tazelaar en Hans Dekker en ik, Jan van Iwaarden, achteraan. (om wat krachten te sparen).
Wie ook krachten hebben gespaard zijn Ad Koster en Rinus Stokman. Zij reden in een comfortabele,droge auto met de bagage van hotel naar hotel.
Kees had zijn “Garmin” geprogrammeerd voor de route, er kon dus niets misgaan. Echter vlak voor Woensdrecht stuurde deze Garmin (door Kees zeer geroemde routeplanner), ons een modderig landweggetje in. Dank zij ons gezond verstand zaten we toch op tijd aan de koffie met appelgebak in het wielercafé “Non Ultra Plus”in Woensdrecht.
Daarna konden we vertrouwen op het richtingsgevoel van Annemie, die weg naar de Abdij van Westmalle en het bijbehorend eetcafé op haar duimpje bleek te kennen.
De weg naar Diest gaf meer problemen voor onze “Garmin”. Het herberekenen kostte zoveel tijd dat we de juiste route sneller op de kaart hadden gevonden. Alhoewel zo snel ging dat ook weer niet, als Daagf en Gert in discussie gingen over de te volgen weg.
Ik vond die tussenstops niet vervelend,het was even lekker bijkomen. Hans dacht daar anders over, hij reed soms wat extra meters door. Maar ja wie veel kracht in zijn lijf heeft, moet het ook uit laten komen.
Na 176 km gereden te hebben en een nat pak, smaakt het biertje hotel “De Fransche Croon” te Diest prima.

Na zo’n lange fietstocht moet je goed eten dacht Hans Dekker en hij bestelde soep en een dubbele portie spaghetti. Na een zeer grote kom soep en een redelijk groot bord spaghetti heeft Hans zijn tweede bord met een genereus gebaar cadeau gedaan aan de kok van het restaurant. We hebben het commentaar van de kok niet meer gehoord, wel van de serveerster, die vond dat Nederlanders altijd zo vrolijk (…!!!) waren.
Na een optreden van het een “look-alike”van Eddy Wally in een gezellig Belgisch café was het goed toeven tussen de lakens.
Het stomste wat je kunt doen, is op de tweede dag je fiets schoonmaken, terwijl je weet dat het zou kunnen gaan regenen. Daardoor reden we pas om 10.15 weg, maar nu niet meer met de Garmin, maar met de nummers van de fietsknooppunten die Kees keurig voor ons had uitgezocht.
En dan kom je op de mooiste plekjes, in dit geval van België.
Onderweg in Piringen, nadat we een pasta naar binnen hadden gewerkt, kwamen we tot de ontdekking dat het onderhoud van de fiets niet de sterkste kant is van Annemie. Aan een fietstocht van 600 km beginnen met versleten schoenplaatjes en een ketting die stijf staat van vet en modder is een geval van ……………….
Gelukkig was een vriendelijke eigenaar van een fietsenwinkel in Valkenburg bereid om na sluitingstijd een stel schoenplaatjes te verkopen.
Na een tocht met veel modder op de weg, maar weinig of geen verkeer en dwars door boomgaarden, waren we op de helft van onze missie: Valkenburg. Daarvoor moesten we wel een paar venijnige klimmetjes nemen, wat een aanslag was op de toch al redelijk verzuurde benen. Daaf en Kees hadden daar weinig moeite mee. Maar ja wat wil je: Daaf als wedstrijdrijderen Kees als ervaren Alpe d’Huez rijder.
Bij het hotel hadden onze fietsen allemaal dezelfde kleur grijs en onze kleren en benen idem dito.
De avond in Valkenburg was zoals gewoonlijk op de zaterdag druk en gezellig. Dit keer met een serveerster die zoveel glazen liet vallen, dat we ons met zoveel scherven geen zorgen meer maakten over ons geluk.

Vier dagen op de fiets zitten, is een prestatie, maar dan ook nog weinig slapen is een slijtageslag.
Ondanks een kort nachtje stond Gert zondagmorgen al weer als een echte mecanicien schoenplaatjes te monteren. Trouwens we weten nu ook dat Gert een band in een mum van tijd kan verwisselen. We hebben geen tijd opgenomen, omdat we steeds verrast waren dat het al gebeurd was en dat 12 keer!!
Het vertrek uit Valkenburg verliep niet soepel: harde regen, verkeerde weg, bordjes van de knooppunten niet kunnen vinden en een paar keer een lekke band Het gevolg was een groepje koude en verkleumde wielrenners, die steeds meer gingen bibberen.
Toen was er gelukkig een tweetal trouwe volgers in de auto. Rinus en Ad stonden ons in Maasmechelen op te wachten met onze tassen met droge en warme kleren. Onder het toeziend oog van de stamgasten en de cafébazin hebben we ons aan de toog verkleed onder het genot van een warme chocolademelk. Jolanda vond wel dat ze haar haar niet goed kreeg, maar dat kwam omdat de spiegel in het café groot was en wat vertekende.
De tocht naar Turnhout was lang in tijd. Of dat het kwam door de regen, of doordat we te lang bij “De Buren ”hadden gezeten voor een uitbreide lunch, weten we niet goed. Wat we wel weten is dat we 161 km in de benen hadden. Pas om half acht kwamen we net voor donker in ons hotel. Kees was zo vermoeid dat hij het licht in zijn kamer niet kon vinden en in het donker onder de douche stond. (of wist hij niet hoe het kaartje werkte?)
Rinus en Ad hadden een prachtige locatie voor ons gereserveerd om te eten, midden in Turnhout met de uitstraling van een huiskamer. Rinus wilde er met een taxi naar toe, maar het lukte ons toch om hem heen en terug te laten lopen.

De laatste dag zou een eitje zijn: niet meer dan 150 km en redelijke weersverwachting. Dat klopte ook: we waren in een mum van tijd in Bergen op Zoom, waar we natuurlijk het ontmoetingspunt voor Zeeuwse sporters, “De Raayberg”, niet konden overslaan.
Wat we wel wisten, maar ons niet realiseerden, dat het taaiste stuk nog moest komen: Bergen op Zoom – Wissenkerke. Een tocht met tegenwind en regen. Een dat in een bekende omgeving die niet uitnodigde om rond te kijken. Dank zij het vele kopwerk van Hans, geholpen door Daaf en Gert, hebben we ons door de laatste kilometers kunnen worstelen.
Het bloemetje voor Jolanda was verdiend en het biertje en de maaltijd in de Kroon was voor ons allemaal een “Kroon” op ons (fiets)werk.
De dagen erna hebben we gebruikt om ons achterwerk te laten herstellen, het zuur uit de benen te laten trekken en ons wasje te doen.
De statische gegevens van Kees geven aan dat we in totaal 597 km hebben gereden in vier dagen. Daarvan hebben we 23 uur op een smal zadel gezeten en zijn per persoon in totaal 17.000 calorieën kwijt geraakt.
Jan van Iwaarden

Omloop van het Haringvliet.
Zondag 11 juli stond er een toertocht op het programma, namelijk de omloop van het Haringvliet. Een tocht zoals doet vermoeden rond het Haringvliet.
Er kon gestart worden op diverse plaatsen rond deze plas. Wij hadden besloten om in Oude Tonge te starten. De dag beloofde mooi te worden met mogelijk een donderende afsluiting. Het was dus al vroeg heet en ook vochtig.
In Oude Tonge was dus een post om in te schrijven. Het was dat we dat zelf wisten, de mensen van HRC de Lely waren slechts enkele minuten op de hoogte, althans zo leek het. Het aantal deelnemers hier was ook niet zo groot. In het half uur dat we ter plaatse zijn geweest, was er slechts 1 fietser langs gekomen voor een stempel.
Kort voor 9 uur zijn we de tocht aangevat. De route was goed uitgezet door een meneer op zijn scooter, mooie duidelijke witte pijlen. Af en toe was hij enthousiast geweest en meerdere pijlen bij elkaar gezet. Op 1 punt heeft hij storing gehad, want daar was 1 grote witte plas zichtbaar op het asfalt! Je kon zijn gevloek en getier nog horen echoen…
Van Oude Tonge ging het een beetje langs de buitenkant naar de Haringvlietbrug. Rustig draaiend, 30 gemiddeld en om de 10 km wisselend op kop. Na de brug ging het min of meer parallel langs de A29 naar boven, Klaaswaal en Mijnsherenland passerend zo naar Puttershoek. Hier was een stempelpost in het club gebouw van de plaatselijk wielerclub, naar verluidt de club van Koos Moerenhout. Een kopje koffie, een koekje en een bosje rozen(!) was ons deel.
Verder ging de tocht terug naar de Barendrechttunnel. Aan de andere kant verder door het mooie natuur / recreatie gebied langs de Oude Maas richting Spijkenisse. Hier zijn we dezelfde brug over gestoken welke ook bij de Tour de Port werd genomen. Achter langs Geertvliet en Heenvliet. Van hier zijn we over de fiets paden langs de Stompaardse plassen naar Zuidland gefiets. Een mooi stukje natuur! Tegen deze tijd was de lucht betrokken en donkerder geworden, zou Kees dan toch gelijk krijgen met die donderklappen. Uiteindelijk is het alleen harder gaan waaien, geen spatje en geen druppel hebben we gezien.
Tijdens de doortocht van deze Stompaardese plassen begon ik toch wel een beetje trek te krijgen, we hadden daar ongeveer 75 km gereden (denk ik toch). Ik kwam althans niet graag meer op kop. Van Zuidland ging het langs de zeedijk naar Hellevoetsluis, alwaar ook een stempelpost zou zijn. We zouden er zeker iets kunnen eten.
Stempelpost niet gevonden en het eten was een reepje, we gingen door naar Stellendam. Tijdens dit stuk had Mariel het ook moeilijk en het tempo was er uit. Gelukkig besloten we bij de Expo een lekkere uitsmijter te gaan eten.
Met nieuwe opgedane krachten zijn we voor de redelijke harde wind terug gevlogen naar Oude Tonge, toch nog ruim 30 km. In de Lely wat gedronken en de tocht door genomen, gelukkig kreeg Willy zijn sleutels terug!
Jacco

REICHSWALD POSBANKTOUR

Zo vlak na zomervakantie stond er nog een, zo op het oog, aantrekkelijke toertocht op het programma. Willy,Mariel,Kees,Marco,Annemie,Ko,Yolanda en ondergetekende hadden er wel zin. Zo togen we dus op een vroege zaterdagmorgen richting Ede, nabij Wageningen. Onze man van de statistiek, stijgingspercentages en routeplanning, ook wel Kees genoemd had ons al voorbereid op enkele leuke klimmetjes in het Montferland en de Veluwezoom. Na de start bij het clubhuis van WV Ede gingen we eerst zuidelijk, de waal over om vervolgens kilometers lang door de uiterwaarden en de Betuwe te fietsen. Best mooi al was het vrij druk met auto’s op die dijk. We hadden er voortdurend een lekker tempo in dat voor iedereen lekker fietsen was. Na een 35 km langs de rivier moesten we met een pontje naar de overkant. Dat was dus afstappen en weer opstappen. Dat klinkt simpeler dan het was aangezien het na de boot gelijk stijl omhoog ging. Dan is er altijd wel iemand die te zwaar staat en niet door rijdt waardoor er iemand achter hem ten val komt. Ko dus.

Na de overtocht stond al snel het eerste klimmetje op het programma, de Eltenberg. een mooi kuitenbijtertje. Daar bleek dat het Mariels benen wel goed zat maar niet met haar fiets. Ze kon niet meer op en afschakelen van voorblad. Dit betekende de rest van de rit op het buitenblad naar boven..! Vlak daarna de enige stop. De appeltaart met slagroom smaakte geweldig en hemaal aangesterkt vertrokken we voor deel ll. Na nog een leuk pukkeltje (muur van Zeddam) in het Montferland waren de klimmersbenen voldoende opgewarmt voor de heuvels in de Veluwezoom. De Posbank en Emmapyramide werden vlot verteerd, daarbij genietend van de schitterende natuur. Vooral het uitzicht boven op de Posbank doet on-Nederlands aan. De laatste 30 km waren wat minder aantrekkelijk, dus nog maar even lekker doorgejakkerd naar Ede. Onder hetgenot van een koel drankje( zei er iemand bier?) nog even naepraat. gedeelde conclusie: leuke tocht met een goede sfeer onderling waarbij iedereen aan zijn of haar trekken kwam. Mooi dus!

Daaf

DWARS DOOR ZUID WEST VLAANDEREN

Okay, en dan is het seizoen plotseling, en na een lange winter, toch zomaar op gang gekomen. Even als vorig jaar stond ook dit keer zo eind maart een pittige eerste toertocht op het programma. Dit keer eens niet in de Vlaamse Ardennen of het Hageland maar in dat andere mekka van de Vlaamse wielersport: Het West Vlaamse Heuvelland. De belangstelling was niet overweldigend maar met Marco, Ko, Bram Sypko en ikzelf hadden we toch een mooi ploegje. Sypko beleefde dus zijn vuurdoop wat betreft het betere klimwerk( de Zeelandbrug laten we hier maar even buiten beschouwing) en hij kweet zich er met verve van, om maar eens een cliche van onder het stof te halen. 125 km kregen we voor de wielen geschoven toen we na een lange reis( leve de Tom Tom van Bram…) van start gingen in Roeselare. Wie had gedacht er met een vlakke aanloop lekker in te komen vergiste zich. Want ofschoon de eerste reguliere beklimming zich pas na zo’n 50 km aandiende was er in werkelijkheid al na een tiental kolometers geen vlakke weg meer te bekennen. In theorie zaten er 11 colletjes in het parcours. Toch gek als je bedenkt dat we zeker 30 keer ergens naar boven gereden zijn..

Afijn, maakt niet uit. Wat wel uit maakte was het aantal losse keien en keitjes op de veelal rustige maar erbarmelijk slechte wegen. Dit leidde helaas tot 5 lekke banden en, een stuk vervelender, een valpartij in een afdaling van Ko. Da’s een domper natuurlijk. De lichamelijk schade bleef beperkt tot 2 verveldende schaafwonden op de knieen en gelukkig was zijn fiets niet zo ernstig beschadigd dat hij niet verder kon. Dit alles gebeurde met de zwaarste beklimmingen nog in zicht. Afgezien daarvan verliep de tocht prima. De klimmetjes waren te doen en de omgeving was echt prachtig. We konden een lekker tempo aanhouden. Sypko ging het op een gegeven moment wel in de benen zitten maar dat mag ook bij zo’n eerste keer. Om 3 uur kwamen meer in Roeselare aan en konden we terug kijken op een mooie tocht ondanks de domper voor Ko. Hopelijk volgende keer weer een wat grotere groep want dit zijn toch de krenten uit de pap.

Daaf

DE EERSTE KILOMETERS

We zijn er weer aan begonnen. Na een voor Hollandse begrippen, strenge winter waarin de ATB noodgedwongen veel vaker dan gewenst(ik spreek nu puur voor me zelf) uit de schuur werd gehaald, is het nu weer tijd voor lekker kilometers maken op de race fiets. De opkomst is gelijk al geweldig. Mannen,vrouwen en nu ook kinderen melden zich op zondagmorgen bij de Kroon. Die laatsten gaan onder begeleiding van onze Willy(en later wellicht ook Rob) aan hun conditie werken, al blijft het plezier natuurlijk voor op staan.

Het is goed te merken dat de ATB tochten de winter en daarmee de begin conditie heeft veranderd. Ik kan me nog goed herinneren dat ik in mijn eerste jaar bij de club( zo’n 6 jaar geleden) na de eerste rit een krappe 40 km op de teller had staan. Daar moet je nu eens mee aankomken!

En als ik zo eens om me heen kijk tijdens de rit zie ik veel mensen die er weer veel zin in hebben. Kortom, we gaan er met zijn allen weer een mooi seizoen van maken. Binnenkort ook nog het nieuwe tenue! Komt helemaal goed!

Daaf

ATB tocht 2010

Het was op zondag 3 januari 2010 al weer de derde keer dat hij op het programma stond; de Noord-Bevelandse ATB tocht over elk smerig en onverhard paadje wat we maar konden vinden. Na de vorige 2 edities vonden we dat het parcours enige verandering behoefde. Verandering van spijs doet immers eten, toch? Geen 100 km dit keer maar voor wie alle lussen aan elkaar knoopte toch wel bijna.. De voorbereiding verliep weer gesmeerd en toen op zaterdag de laatste pijlen de grond in gingen leek er weing meer fout te kunnen gaan. Eh…, dus toch wel..Moeder natuur zorgde namelijk de dag dat het allemaal moest gebeuren voor een spekglad laagje op des Heeren wegen, bospaadjes en akkerranden! Toen ik dus op het onchristelijke tijdstip van zondagmorgen half acht, en met de meter net onder nul, op de bike stapte mopperde ik in mezelf: “Daar komt met dit pokke weer natuurlijk geen hond op af”. Maar goed, toch maar met maatje Rob even voor achten vertrokken om de route te controleren. Ook Stijn, Jacco, Kees en Marco(hoop dat ik nu niemand vergeet) deden dat, maar dan in een andere richting.

Ik kan rustig zeggen dat mijn humeur er gaandeweg niet op verbeterde. Tussen het glibberen en glijden door vond ik nog de adem om Rob op de hoogte te stellen van mijn bevindingen.. Ik zal er niet in detail op in gaan maar “knettergek”, “gekkenwerk”, “waar zijn we in godsnaam mee bezig”, “voor de kat z’n k*t”, “Laatste keer geweest” en “EHBO” streden er om voorrang. Naast deze constructieve uitwisseling werd er , toegegeven, af en toe ook wel wat gemopperd….

Wonder, boven wonder bleven we overeind en arriveerden om kwart voor elf bij de Kroon waar een een monter gestemde Marian ons een kop erwtensoep aanbood. Met: “Oh, je hebt nog wat over”, dacht ik nog grappig te zijn, in de veronderstelling dat dit de 6e en laatste kop soep zou zijn die ze zou inschenken vandaag. Toen vertelde ze dat er naast 55 wandelaars, meer dan 200 fietsers waren komen opdagen!! Ik moet haar aan gekeken hebben als of ik erwtensoep zag branden… MEER DAN TWEEHONDERD FIETSERS??? MET DIT WEER???

Het was echt zo! Alles gelijk vergeten natuurlijk. Biertje besteld en nog lang lekker geouwehoerd over hoe gek we wel niet zijn om met dit weer te fietsen maar dat we eigenlijk toch een prachtige dag hebben gehad.

Volgend jaar weer? Tuurlijk!

Met dank aan alle vrijwilligers. Fantastisch dat jullie allemaal weer wilden helpen!

Daaf